In een spannende race van de Dutch Supercar Challenge op het Engelse Donington Park is het Mark van der Aa en Koen Bogaerts gelukt om de overwinning binnen te halen. Het duo had veel concurrentie van Jan van der Kooi en Pieter van Soelen maar trok uiteindelijk aan het langste eind. Van der Kooi viel uit met technische problemen met zijn motor en Pieter van Soelen eindigde uiteindelijk op de tweede plaats. Derde werd Nick Aerts in de BRL V6. In de Sport-divisie profiteerden Richard van den Bos en Bert van der Zweerde optimaal van hun pole position. In de beginfase van de race bouwden zij al een solide voorsprong op waardoor de overwinning eigenlijk niet in gevaar kan. Tweede werd Guillaume Schulz, terwijl Erik van den Munckhof na een start uit het achterveld knap derde werd.



Bij de start van de race was het Mark van der Aa die alert was. De bestuurder van de BMW 1-serie GTR pakte meteen de koppositie over van Pieter van Soelen maar slaagde er daarna niet in om die eerste positie vast te houden. Van Soelen pakte namelijk vrij snel weer de koppositie over en ook Jan van der Kooi lukte het om voorbij te gaan aan Van der Aa. Evenals tijdens de Paasraces op Zandvoort was Jan van der Kooi in de openingsfase van de race ontketend. In de tweede ronde pakte de Lotus-bestuurder namelijk al de koppositie over van Pieter van Soelen. Na de tweede ronde kwam kortstondig de safetycar de baan op omdat Leo Kurstjens was gespind en met zijn Focus Sport vast was komen te staan in de grindbak bij het opkomen van het rechte stuk. Bij de herstart kon Van der Kooi zijn eerste positie behouden, maar hij werd wel meteen onder druk gezet door Pieter van Soelen en Mark van der Aa.

Vooral Pieter Van Soelen kon de Lotus van Van der Kooi goed bijhouden en kreeg het voor elkaar om in de tiende ronde voorbij te gaan aan de snelle Lotus. Van der Kooi kon nog aanhaken, maar moest twee ronden later door technische problemen zijn auto in het gras parkeren. Hierdoor kwam Mark van der Aa weer op de tweede plaats te liggen. Robin en Ferry Monster kenden niet echt een goede race. Voor de pitstops lagen de gebroeders nog op de derde positie, maar na de pitstops waren zij teruggevallen naar positie vijf. Bandenproblemen zorgden er namelijk voor dat de Seat Leon SuperCopa van het tweetal zeer veel onderstuur had.

Nick Aerts en Luc de Cock waren inmiddels op de tweede en derde positie komen te liggen, maar kwamen beiden al snel onder druk te staan van Koen Bogaerts. Bogaerts, die tijdens de pitstop het stuur had overgenomen van Mark van der Aa en door zijn resultaatseconden een paar plekken was teruggevallen, noteerde snelle rondetijden en kreeg het snel voor elkaar om aan zowel Aerts als De Cock voorbij te gaan. Hierna opende Koen Bogaerts de aanval op Pieter van Soelen, die op dat moment nog een ruime voorsprong had.  “Toen ik het stuur overnam van Mark had Pieter een voorsprong van meer dan tien seconden. Ik dacht dan ook dat ik hem niet meer kon inhalen”, vertelde Koen Bogaerts na afloop. “Op de baan kon ik hem echter nog steeds zien dus ben ik er voor gaan zitten. Uiteindelijk ging ik met een mooie actie buitenom bij Pieter voorbij. In dezelfde ronde kon hij me wel weer inhalen, omdat ik fout zat met mijn remvoet. Daarna kon ik echter nogmaals voorbij aan Pieter gaan.”

Pieter van Soelen moest uiteindelijk dus genoegen nemen met een tweede plaats, maar was daar na afloop tevreden mee. “Ik had teveel van mijn banden gevraagd, waardoor ik in de slotfase van de race geen snelle tijden meer kon rijden. Ik had constant overstuur”, legde Pieter van Soelen na afloop uit. “Maar deze tweede plaats is ook goed, het was een hele mooie race.” Derde werd Nick Aerts in de BRL, voor Luc de Cock die met een achterstand van twintig seconden op Aerts vierde werd. De Cock was zelf blij met deze uitslag. “Net geen podium, maar ik denk dat we na de motorwissel die we vannacht hebben gedaan zeer tevreden mogen zijn. Morgen gaan we wel voor een plek bij de eerste drie!”

In de Sport-divisie had Richard van den Bos een goede start. De bestuurder van de BMW E36 M3 kon goed standhouden in een groepje met deelnemers uit de Supersport II-divisie en kon hierdoor uitlopen op zijn achtervolgers uit de Sport-divisie. Grouwels had het achter Van den Bos moeilijk. In de regen had Grouwels zich met zijn Renault Clio namelijk op de tweede positie gekwalificeerd, maar op een droge baan bleek deze auto toch wat snelheid tekort te komen om echt mee te kunnen strijden met de kop van het veld. Grouwels werd dan ook al snel ingehaald door onder andere Aart Bosman , Guillaume Schulz en Marcel van Berlo.

Vanuit het achterveld had Eric van den Munckhof een zeer goede race. De Focus Sport-bestuurder reed snel naar voren en lag in de tiende ronde al op de vierde positie, vlak achter de BMW van de gebroeders Van Vliet. Van den Munckhof was zelfs voor Aart Bosman komen te liggen, die na afloop aangaf dat elektronische problemen aan zijn Lotus Exige voor langzamere rondetijden zorgden. Van Vliet kon Van den Munckhof een tijdje achter zich houden, maar moest voor de pitstops toch zijn meerdere erkennen in de Focus Sport. In de slotfase van de race bleef de top drie met het duo Van der Zweerde/Van den Bos, Guillaume Schulz en Eric van den Munckhof ongewijzigd, maar achter die top drie was de strijd nog uitermate spannend. Machiel Kars reed namelijk een zeer sterke race en slaagde erin om ronde na ronde steeds verder naar voren te kruipen. In de slotfase van de race was Kars zelfs in gevecht met Van Vliet voor de vijfde positie, die de Clio-bestuurder in de slotronden van de race van Van Vliet kon overpakken. 

Teamgenoot Frank Bédorf, die zelf bij de start wat steekjes liet vallen, was na afloop vol lof over zijn nieuwe teamgenoot. “Ik spinde bij de start van de race waardoor ik helemaal van achteraan kon gaan beginnen”, aldus Frank Bédorf. “Voor de pitstops heb ik denk ik nog drie of vier man in kunnen halen. Machiel ging daarna echt als een kogel. Het was een hele sterke race van hem.”

Diederik Sijthoff heeft zijn eerste overwinning van het seizoen binnen. De bestuurder van de Speedtec-Viper profiteerde van het uitvallen van Martin Short en bleef in de slotfase van de race Cor Euser maar net voor. Derde eindigden Danny van Dongen en Ardi van der Hoek in de Audi R8 LMS. In de Supersport I-divisie ging de overwinning naar Bert van der Zweerde, die hierdoor tot nu toe alles races in deze divisie heeft gewonnen. Op een tweede positie eindigden Wolf Nathan en Jaap van Lagen, voor de Engelsman Michael Donovan.

De vanaf de tweede positie gestarte Martin Short had de beste start van de race. De Mosler-coureur pakte meteen de koppositie over van de van pole gestarte Danny van Dongen en kon de eerste ronden meteen uitlopen. Van Dongen werd bovendien de eerste ronde ook nog voorbij gereden door Diederik Sijthoff, die gestart was vanaf de vijfde positie maar meteen een paar plekken goedmaakte. Danny van Dongen had het in de beginfase lastig. Na Diederik Sijthoff meldde zich al snel Cor Esuer achter de Audi R8 LMS van Van Dongen en in de tweede ronde pakte Euser de derde positie over van de Audi-coureur.

Euser noteerde de ronden daarna snelle tijden en reed steeds dichter naar Diederik Sijthoff toe. In de zesde ronde lukte het Euser om aan de Viper van Sijthoff voorbij te gaan. Sijthoff viel na zijn goede start een klein beetje terug, want na Cor Euser meldde ditmaal Danny van Dongen zich weer achter de Viper. Veel deelnemers, zo zat Rick Abresch bijvoorbeeld weer vlak achter Danny van Dongen, bleken in de beginfase van de race goed aan elkaar gewaagd waardoor veel spannende duels werden uitgevochten.
In de negende ronde lukte het Danny van Dongen om weer voorbij te gaan aan de Viper van Sijthoff. In diezelfde ronde ging Abresch in de fout. De bestuurder van de Corvette C6.R GT1 spinde van de baan en verloor hiermee vijf plaatsen. Abresch kon zijn weg vervolgen maar was hierdoor wel achter René Snel, Dave Basu, Alex van ’t Hoff, Roger Grouwels en Dick Kvetnansky beland. Martin Short kon ondertussen profiteren van de gevechten die achter hem plaatsvonden. De Engelsman reed constante rondetijden en bouwde zo een flinke voorsprong op. Achter de op de tweede plaats liggende Cor Euser bleven Danny van Dongen en Diederik Sijthoff nog in gevecht, waarbij het uiteindelijk nog Sijthoff was die de derde plaats weer overpakte van de Audi-coureur.

Na de pitstops had Martin Short een voorsprong opgebouwd van een dertigtal seconden waardoor zijn overwinning niet meer in gevaar leek te komen. Voor Cor Euser en Diederik Sijthoff was de strijd echter nog niet gestreden. De op een derde plaats liggende Sijthoff noteerde snellere rondetijden dan Euser en liep ronde na ronde naar de Marco LM600 toe. Met nog een kwartier te gaan ging de Porsche van Charlie Frijns kapot waardoor er in de chicane voor het rechte stuk een oliespoor kwam te liggen. Veel mensen schoten hierdoor rechtdoor waardoor de wedstrijdleiding besloot om de safetycar de baan op te sturen. Rick Abresch was een van de mannen die de dupe was van het oliespoor. “Ik bleek achteraf de eerste te zijn die rechtdoor schoot door het oliespoor “, legde Rick Abresch uit. “Ik had dat op het moment zelf niet in de gaten en dacht dat er iets met mijn auto was. Daarom kwam ik naar binnen, maar met mijn auto bleek alles goed te zijn waardoor ik gewoon verder kon.” Abresch verloor hierdoor wel kostbare seconden.

Na de herstart pakte Diederik Sijthoff meteen de tweede positie over van Cor Euser. Die tweede positie werd na twee ronden zelfs de eerste positie, omdat Martin Short zijn Mosler met elektronische problemen langs de baan stil moest zetten. Om die eerste plaats ontvouwde zich in de laatste ronden een spannend gevecht tussen Sijthoff en Euser, die de Viper-coureur uiteindelijk in zijn voordeel besliste. Het verschil op de streep was echter slechts 0.158 sec. “De slotfase van de race was loodzwaar, omdat het ontzettend warm in de auto werd”, vertelde Diederik Sijthoff. “Ook werd die oranje neus van Cor steeds groter in mijn spiegels. Het was erg spannend!” Door het uitvallen van Martin Short eindigden Danny van Dongen en Ardi van der Hoek op de derde positie.

In de Supersport I-divisie had Bert van der Zweerde een goede start van de race. De bestuurder van de BMW-silhouette kon de eerste ronden een voorsprong opbouwen ten opzichte van Michael Donovan, die de tweede positie had overgenomen van Wolf Nathan. Nathan verloor de eerste ronden niet alleen een positie aan Michael Donovan. Ook Jacky van der Ende en Charlie Frijns lukte het om voorbij te gaan aan de Uponor-Porsche. Frijns ging daarbij op zijn beurt weer voorbij aan de BRL van Van der Ende en kon daarna richting Michael Donovan kruipen.

Gedurende de race ging het steeds beter met Wolf Nathan. Voor de pitstops ging Nathan namelijk nog voorbij aan Jacky van der Ende, waarna Jaap van Lagen in de tweede helft van de race naar de kop toe kon rijden. De pitstops waren in het voordeel voor Charlie Frijns, die nog maar weinig resultaatseconden had en hierdoor de tweede plaats over kon pakken van Michael Donovan. Frijns kon die tweede positie alleen niet verzilveren, omdat zijn Porsche met nog een kwartier op de klok kapot ging. Door het oliespoor dat hierdoor op de baan kwam te liggen besloot de wedstrijdleiding om op dat moment de safetycar de baan op te sturen.

Die safetycar-situatie bleek uiteindelijk in het voordeel te zijn van Bert van der Zweerde. De voorsprong van Van der Zweerde op Jaap van Lagen was al erg geslonken maar door de safetycar kon de BMW-coureur, die op dat moment vlak voor koploper Martin Short reed, bijna een hele ronde uitlopen. Voor Van der Zweerde kwam de eerste positie in de slotronden van de race dan ook niet meer in gevaar. Jaap van Lagen en Wolf Nathan pakten de tweede plek, en Michael Donovan completeerde met een derde positie het podium.

De tweede race van de Supersport II- en Sport-divisie van de Dutch Supercar Challenge op Donington Park was een waar spektakelstuk. Gedurende de race vonden veel gevechten plaats, waarbij het er lang op leek dat het duo Ted van Vliet / Henk Thuis de overwinning ging pakken. Brandstofproblemen zorgden er in de slotronde echter voor dat de BMW M3 GTR van Thuis en Van Vliet terugviel van de eerste positie tot de vijfde plaats. Hierdoor ging de overwinning naar Koen Bogaerts en Mark van der Aa, die een felle strijd hadden met de gebroeders Monster. Laurens Meijer en Bob Herber bekroonden hun goede race met een derde positie. In de Sport-divisie ging de overwinning evenals de zaterdagrace naar Richard van den Bos en Bert van der Zweerde, voor Guillaume Schulz en Aart Bosman. De start van de race was voor de deelnemers van de DSC zeer lastig. Omdat het s’nachts had geregend was de baan nog vochtig waardoor het oppassen was om niet van de baan te glijden. Omdat het wel was gestopt met regenen was iedereen wel gestart op slicks. Er kwam dan ook al snel een droog spoor op de baan.

In  de eerste ronden was het Koen Bogaerts die het beste op deze lastige omstandigheden kon anticiperen. De bestuurder van de BMW 1-serie GTR pakte bij de start meteen de eerste positie over van Pieter van Soelen en was in de beginfase elke ronde een paar seconden sneller dan de concurrentie. Die concurrentie, die bestond uit Ferry Monster, Pieter van Soelen, Luc de Cock, Nick Aerts, Henk Thuis, Marcel Norbart en Christian Dijkhof, had het flink met elkaar aan de stok. Luc de Cock was in de beginfase sterk, want hij kon in de tweede ronde voorbij steken aan Pieter van Soelen en Ferry Monster. De ronden daarna ontstond tussen dit drietal een spannend gevecht, waarbij het na een aantal ronden zowel Ferry Monster als Pieter van Soelen waren die voorbij konden gaan aan de Lotus van De Cock. Daarna begon Pieter van Soelen druk te zetten bij Ferry Monster, maar Van Soelen schakelde hierbij zichzelf na een paar ronden uit. In een poging om Monster binnendoor in te halen was er contact tussen de Seat Leon SuperCopa van Monster en de BMW M3 GTR van Van Soelen, waarna Van Soelen spinde. In een poging om daarna weer terug op de baan te komen kwam Van Soelen vast te zitten in het grind. Voor de regerend kampioen was het door deze actie einde race.

Na het uitvallen van Pieter van Soelen kreeg Ferry Monster het niet makkelijker. Na Van Soelen meldde zich namelijk al snel Henk Thuis aan de bumper van de Seat. Thuis noteerde snelle rondetijden en kon in de zevende ronde voorbij gaan aan Ferry Monster. Achter Ferry Monster was er daarna een groepje met Nick Aerts, Marcel Norbart en Laurens Meijer. Meijer reed een goede beginfase van de race, want hij was met zijn Saker vanaf de twaalfde startpositie al opgeklommen naar positie zes. Luc de Cock was na zijn goede start inmiddels al teruggevallen naar de zevende positie. Toch kon De Cock ondanks zijn terugval nog goed weerstand bieden. Voor de pitstops bleef het groepje met Aerts, Norbart, De Cock en Meijer flink met elkaar in gevecht. Na de pitstops was het in dit groepje Bob Herber, die het stuur had overgenomen van Laurens Meijer, die achter Luc de Cock op de vijfde plaats terug de baan op was gekomen, voor Marcel Norbart en Nick Aerts. Ook aan de kop van het veld was de stand gewijzigd. Door de vele strafseconden was Mark van der Aa, die het stuur had overgenomen van Koen Bogaerts, teruggevallen tot de derde positie achter Robin Monster. Ted van Vliet had de eerste positie in handen gekregen omdat hij en Henk Thuis nog geen strafseconden hadden.

Om de tweede positie werd het in de slotfase van de race zeer spannend. Mark van der Aa en Robin Monster waren in fel gevecht met elkaar en ook Bob Herber, die Luc de Cock voorbij was gegaan, leek richting dit tweetal te rijden. Herber ging zelfs voorbij de Seat van Robin Monster maar ging daarna zelf in de fout. De Saker-coureur spinde namelijk van de baan en verloor hiermee kostbare seconden.
In de laatste ronden drong Robin Monster nog flink aan bij Mark van der Aa, waarbij het tweetal soms zij aan zij door de bochten kwam. Uiteindelijk besliste Van der Aa het gevecht in zijn voordeel, met op de finishlijn een verschil van slechts 0.217 sec. Mark van der Aa pakte hiermee uiteindelijk de eerste plaats, omdat Ted van Vliet in de laatste ronde met brandstofproblemen te maken kreeg. Het duo Van Vliet / Thuis viel hiermee terug tot de vijfde positie, waardoor Bob Herber en Laurens Meijer hun goede race met een derde plaats beloond zagen worden en Luc de Cock de vierde plaats in handen kreeg.

In de Sport-divisie van de Dutch Supercar Challenge had Richard van den Bos bij de start van de race weer de beste papieren. Van den Bos had in de beginfase de Lotus van Guillaume Schulz niet ver zich aan, maar kon daarna toch uitlopen bij de Lotus-coureurs. Achter de nummers één en twee was het in de beginfase wel zeer spannend met onder andere Erik van den Munckhof, Aart Bosman, Peter van Vliet en Frank Bédorf. Evenals in de zaterdagrace had Aart Bosman ook tijdens de race op zondag constant last van elektronische storingen in zijn Lotus Exige. Ondanks het vervangen van een hoop bekabeling was deze storing nog steeds aanwezig waardoor zijn Lotus in sommige bochten stilviel. Het kostte Bosman veel tijd, waardoor het voor hem lastig was om goede rondetijden te rijden. Toch lukte het Bosman voor de pitstops nog om voorbij te gaan aan Erik van den Munckhof.

Na de pitstops was Bosman door zijn vele resultaatseconden deze derde positie weer verloren aan Erik van den Munckhof. Evenals in de beginfase van de race ontstond hierdoor een spannende gevecht om de derde plaats, die Aart Bosman uiteindelijk in zijn voordeel kon beslissen. Achter Van den Munckhof ontstond daarna een spannend gevecht om de vijfde plaats. Machiel Kars, Marcel van Berlo, Roger Grouwels en Rob Nieman leken om deze positie te gaan strijden. Kars lag hierbij een tijdje op de vijfde positie, maar in de 33e ronde brak de Clio van Kars in de snelle Craner Curves uit waarna de auto vast kwam te staan in het grind.

Hierna kwam Marcel van Berlo op de vijfde positie te liggen, maar hij spinde na contact met een deelnemer uit de Supersport II-divisie. Van Berlo viel hierdoor terug achter Roger Grouwels en Rob Nieman en zag hiermee zijn vijfde plek verloren gaan. Aan de kop van het veld bleef de stand tot de eindstreep ongewijzigd. Bert van der Zweerde kon de door Richard van den Bos opgebouwde voorsprong consolideren en ook de tweede plaats van Guillaume Schulz kwam niet meer in gevaar. Aart Bosman eindigde ondanks zijn elektronicaproblemen op de derde plaats. 

Na hun derde positie tijdens de zaterdagrace hebben Danny van Dongen en Ardi van der Hoek op zondag de volle overwinning gepakt. In een race die bol stond van actie en incidenten profiteerden zij optimaal van de problemen bij de concurrentie. Tweede werd Martin Short, terwijl Roger Grouwels na een inhaalrace knap derde werd. In de Supersport I-divisie ging de overwinning naar Michael Donovan, voor het duo Ertan/Wijnen en Barry Maessen. Bert van der Zweerde haalde door technische problemen de eindstreep niet. Bij de start van de race was Diederik Sijthoff het beste weg. De bestuurder van de Speedtec-Viper gebruikte zijn beschikbare vermogen en kon zijn concurrenten in de eerste bocht voorblijven. Die eerste bocht ging niet voor iedereen goed, want onder andere Dave Basu en Jan Versluis maakten een uitstapje door het gras.

De Engelsman Martin Short had een zeer goede start van de race. Na de eerste ronde was de vanaf een veertiende plek gestarte coureur al opgeklommen naar de derde plaats. Daarna werd Short gestuit in zijn opmars, omdat twee deelnemers uit de Supersport I-divisie, Martin Webb en Nelson van der Pol, met elkaar in aanraking waren gekomen bij het opkomen van het rechte stuk. De BMW van Webb stond hierna stil tegen de bandenstapels en moest weggesleept worden. Om dit te kunnen doen werd besloten om de safetycar de baan op te laten komen. Sommigen maakten meteen van de gelegenheid gebruik om banden te gaan wisselen. Het was namelijk licht gaan regenen en verschillende coureurs, zoals Jan Versluis, Roger Grouwels en René Snel, dachten slim te zijn door regenbanden te monteren. De regen zette echter niet door, waardoor deze coureurs nog tijdens diezelfde safetycar periode besloten om opnieuw binnen te komen om weer slicks te laten monteren. Het wierp deze coureurs terug tot achteraan in het veld. Bij de herstart bleek Diederik Sijthoff niet zo alert als bij de eerste start. De Viper-coureur werd namelijk meteen voorbij gereden door Cor Euser en Martin Short. Euser was hierna ontketend, want hij liep met snelle rondetijden meteen flink uit op zijn Engelse concurrent.

De Corvettes hadden het in de beginfase van de race lastig. Na de spin van Basu en de pitstops van Grouwels verliep de race ook voor Rick Abresch niet probleemloos. Abresch spinde namelijk na de herstart van de baan en kon evenals Roger Grouwels achteraan het veld aansluiten. Euser kon echter niet lang genieten van zijn opgebouwde voorsprong, want na twintig minuten racen moest hij zijn Marcos LM600 in de pitstraat parkeren. “Ik kwam in aanraking met een Aston Martin, maar ik weet niet precies welke”, legde Euser na afloop uit. De Marcos bleek hierna teveel beschadigd om verder te kunnen rijden. Ardi van der Hoek was in de tussentijd Diederik Sijthoff voorbij gegaan, waardoor hij op de tweede positie was komen te liggen. Na de pitstops moest Diederik Sijthoff ook zijn derde positie afstaan, omdat hij door zijn vele resultaatseconden langer moest stilstaan. Dave Basu kon hierdoor opklimmen naar de derde plaats, en Sijthoff kreeg bovendien meteen de hete adem in de nek van Niels Bouwhuis. De Mosler van Carworld Motorsport had een goede pace, want Milko Tas had in het eerste gedeelte van de race ook al snelle tijden laten noteren. Martin Short had na de pitstops een solide voorsprong, maar kreeg evenals tijdens de zaterdagrace te maken met brandstoftoevoer problemen. De Engelsman leek hierdoor zijn Mosler aan de kant te moeten zetten, totdat een tweede brandstofpomp in zijn Mosler hulp bood. Short kon dus zijn weg vervolgen,maar door deze problemen viel de Mosler-coureur terug tot de derde positie. De leiding in de race ging hierdoor naar Ardi van der Hoek en Danny van Dongen, voor Dave Basu in de Corvette.

Ondertussen vond er om de vierde plaats ook een spannend gevecht plaats. Diederik Sijthoff stond namelijk onder zware druk van Niels Bouwhuis en ook Roger Grouwels meldde zich aan de achterkant van de Mosler van Bouwhuis. Bouwhuis deed verwoede pogingen om Sijthoff in te halen, maar uiteindelijk werd de Mosler zelf voorbij gereden door Roger Grouwels. Na het inhalen van Niels Bouwhuis schoof Roger Grouwels al snel een extra plaats op. Diederik Sijthoff moest namelijk vanwege een te korte pitstop een drive-through maken waardoor hij terugviel tot de zesde positie. Niet veel later moest ook de andere belager van Grouwels, Niels Bouwhuis, de pitstraat opzoeken. Zijn Mosler was namelijk in brand komen te staan waarna Bouwhuis zijn auto in de pitstraat parkeerde. De aanwezige marshals konden de brand gelukkig blussen. Milko Tas en Niels Bouwhuis zag zo hun goede race wel letterlijk in rook opgaan. In de laatste ronden van de race ging het ook nog fout voor de op een tweede plaats liggende Dave Basu. De Corvette-coureur parkeerde namelijk zijn auto in het grind en zag zo zijn podiumplaats aan zijn neus voorbij gaan. “Er lag bij het insturen van de chicane een oliespoor waardoor ik met mijn auto het grind in schoot”, verklaarde Basu na afloop. Hierdoor eindigde Roger Grouwels achter het duo Van Dongen/Van der Hoek en Martin Short op de derde positie. Een sterke race dus van de Limburger, die door zijn bandenwissels tijdens de safetycar situatie als laatste de race had hervat.

In de Supersport I-divisie ging het in de eerste ronde fout voor Martin Webb en Nelson van der Pol. De BMW van Webb brak uit bij het uitkomen van de chicane waarna Van der Pol de BMW van Webb niet meer kon ontwijken. De auto van Martin Webb kwam hierna in de bandenstapels terecht waardoor er een safetycar situatie nodig was om deze auto weg te halen. Bij de herstart van de race ging het fout voor Jacky van der Ende en Wolf Nathan. Zij kwamen met elkaar in aanraking waarna Nathan in eerste instantie vast kwam te staan in het gras. Het duurde een tijdje voordat Nathan zijn Porsche weer aan de praat kon krijgen, waardoor de koplopers van de race hem al op een ronde kon zetten.

Bert van der Zweerde was na zijn overwinning op zaterdag ook in de zondagrace lang koploper, maar ditmaal kon de bestuurder van de BMW silhouette niet weglopen van zijn achtervolger. Michael Donovan bleef namelijk zichtbaar in de spiegel van Van der Zweerde en kon dus binnen een paar seconden achter de koploper blijven hangen. Barry Maessen was ondertussen opgeklommen naar de derde positie, voor het duo Ertan/Wijnen en Charlie Frijns. Na de pitstops was Bert van der Zweerde teruggevallen tot achter Michael Donovan. In zijn poging om weer naar Donovan terug te rijden ging het daarna fout voor de BMW-coureur. Van der Zweerde raakte namelijk kortstondig naast de baan waarna het stuur van zijn BMW scheef kwam te staan. Van der Zweerde kwam hierdoor de pitstraat in waarna het team besloot dat het niet verstandig was om verder te rijden.

Charlie Frijns kwam hierdoor op de tweede plek te liggen, maar hij had het geluk in deze race niet aan zijn zijde. De Porsche-coureur kwam bij een inhaalpoging van Diederik Sijthoff, die Charlie Frijns op een ronde wilde zetten, in aanraking met Sijthoff’s Viper. “Volgens mij kon ik hem echt niet meer ruimte geven, maar toch werd ik door hem aangetikt”, aldus Charlie Frijns na afloop. Na de touché stond de Porsche van Frijns vast in de grindbak, terwijl Diederik Sijthoff zonder problemen zijn weg kon vervolgen. Hierdoor pakten Erol Ertan en René Wijnen de tweede plaats over van Charlie Frijns en eindigde Barry Maessen op de derde positie. Michael Donovan reed na het uitvallen van Van der Zweerde onbedreigd naar de overwinning toe. 

Tekst & Foto's Dutch Supercar Challenge

9054778
Vandaag
Gisteren
Deze week
Afgelopen week
Deze maand
Afgelopen maand
All days
1436
5444
41573
8959249
129660
211729
9054778

Vrienden van NoSpeedLimits.nl

iCagenda - Calendar

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
Ga naar boven